Een prachtig boek – ‚The heart attack sutra‘ van Karl Brunnhölzl  – een warme zomeravond omringd door hoge potplanten op een balkon, het geleidelijk afnemen van het licht van een ondergaande zon, en bovenal een gezelschap met passie voor compassie en het delen van ervaringen die de tekst van dit boekje oproept.

Waar hebben we het over gehad? Over het gevoel dat je het soms hélemaal begrijpt, en soms weer totáál niet. Over de negativiteit van alles ontkennen door het benoemen van wat de geest allemaal niet is, maar waaronder ook een bevrijdende positiviteit schuil gaat.

Over een analytische tekst die schuurt aan de behoefte tot intuïtief waarnemen met ruimte voor emotie, maar die bij ieder van ons wel iets losmaakte. En over het uiteindelijk onvermogen om diepgaande ervaring in woorden te vatten.

Het riep bij een van ons een (fragment van een) gedicht van Abel Herzberg op:

Want alles is fragment 

Al door het zeggen van het woord
Deelt men, scheidt men en schendt
Het alomvattende, dat men niet kent,
Dat ik aanwezig weet, of alleen maar vermoed,
Dat ik niet uitspreken kan en toch uitspreken moet,
Dat mij beheerst, dat mij gehoorzaamheid gebiedt,
En als ik zoek en luister, dan vind ik het niet.
Eén troost blijft:
Er is in ieder woord een woord,
Dat tot het onuitsprekelijke behoort;
Er is in ieder deel een deel
Van het ondeelbare geheel,
Gelijk in elke kus, hoe kort,
Het hele leven meegegeven wordt.

Uit: Drie Rode Rozen, van Abel Herzberg (Querido, eerste uitgave 1975).

Opgehaald van:  https://openaccess.leidenuniv.nl/bitstream/handle/1887/8901/5_40_131.pdf?sequence=1

Voor de aankondiging voor de volgende keer zie de agenda.