2011-11_SydneyMaandag de 25ste werd duidelijk dat mijn 2e heupoperatie niet eerder kon plaatsvinden dan eind mei/begin juni dit jaar. Met pijn in mijn hart heb ik het meetrainen op de Europese Gasshuku op Sicilië, georganiseerd door mijn dierbare vriend Paolo Spongia, moeten loslaten. De realiteit heeft het van mijn naïviteit en gehechtheid gewonnen 🙂 De nuchterheid van Johan Cruijff leert dat daar een voordeel aan vast zit — in dit  geval het feit dat ik nu wel naar twee andere hart leraren kan, Lama Chime en Tenzin Wangyal Rinpoche. Hopelijk kan ik in het voorjaar van 2014 meedelen dat het verhaal rondom mijn heupen voorlopig even af en compleet is.
Het verhaal begon in Zuid Afrika waar ik geboren werd in een gezin waar het ouderlijk mannelijke en vrouwelijke elkaar niet goed konden vinden. Mijn linker en rechter heup kop en kom waren in die context niet tot volledige volgroeiïng gekomen.
Een boeiend leven volgde waarin ik het spectrum van wat mannelijk en vrouwelijk wordt geacht links en rechts aftastte. Op de middelbare school droeg ik alles van zwarte leren jacks met stoere ritsen en een ‘Palestina shawl’ tot zachtgele truien met roze bloemen. Als coördinator van het examenfeest zorgde ik ervoor dat we een heftige vechtkunst demo konden geven, maar ook dat iedereen in het wit kwam en ‘Butterfly Ball (Love is All)’ het lied van de dag werd 🙂  Ik maakte diepgaand kennis met de subtiele dimensies van energiewerk en meditatie enerzijds, anderzijds knokte ik met van alles wat los en vast zat in judo, karate, free fight en andere vechtkunsten. Tot de dag van vandaag zoek ik wekelijks nog hoe het beste van beiden, geïntegreerd of gepolariseerd, ontdekt en belichaamd kan worden. Ik vermoed dat ik niet alleen sta in dat zoeken.
Boeiend vind ik het ook om te kijken hoe de kwaliteiten van vaders en moeders kant, die nogal uiteenlopen in mijn geval, wel of niet aanwezig zijn in de manier waarop het leven vorm krijgt. Bijvoorbeeld op KenKon. Dat ik al decennia lang een vast punt ben voor een gemeenschap die KenKon heet, dat ik al 35 jaar lang week in week uit voor de groep sta en dat er een stabiele onderstroom van tradities is, is ongetwijfeld de zegening van moeders kant. Dat ik tegelijk toch ook op allerlei manieren het avontuur opzocht en nieuwe ontmoetingen aanging met trainers, disciplines, benaderingen en onderwerpen, zowel hier als her en der op onze aardbol, was zeker de zegen van mijn vaders kant. Ook in mijn relaties, eigen beoefening, andere levensdimensies en zelfs in mijn lichaam, herken ik die polariteit en de zoektocht naar balans, polariteit en integratie. Een boeiende reis van vallen en opstaan.  Niet altijd makkelijk, maar steeds weer inspirerend. De volmaakte polariteit, balans en integratie zal misschien niet in het verschiet liggen, maar een ander pad kan ik mij niet voorstellen.

Toen ik in 2010 voor het eerst weer terugging naar Zuid Afrika, zelfs tot in de baarkamer van mij en mijn moeder, barstte er, tijdens een karate seminar in Stellenbosch, een karate artikel uit mijn geest waarin de energetische samensmelting van mannelijke en vrouwelijk energie in het krachtencentrum in de onderbuik (Japans: tanden; Chinees: dantian) een belangrijke plek had. Volgens meerdere tradities is dit krachtencentrum een soort ‘baarmoeder’ van nonduale energie, energie die eenheidsbewustzijn katalyseert. De Taoïsten noemen de energie die zich daar verzamelt daarom ook wel eens ‘het spirituele embryo’. Inmiddels is het artikel, na een nieuwe opwelling in tijden waarin links en rechts, mannelijk en vrouwelijk het in mij en buiten mij op allerlei manieren met elkaar proberen te vinden, een stuk dichter bij ‘af’ en beslaat het inmiddels 50+ pagina’s. Ik ben benieuwd of het al voor het voorjaar 2014 af mag zijn 🙂

Het zal mij benieuwen hoe de zoektocht verder gaat. Als eerste staat in ieder geval de seminar ‘Pure Meditation’ met Rob Preece op de agenda. ‘Puur’ staat hierbij onder andere voor ‘gezuiverd van innerlijke tweestrijd’ of, iets filosofischer uitgedrukt, ‘gezuiverd van de illusoire dualiteit’, oftewel ‘nondualiteit’. Op KenKon zijn we vaak bezig met tweestrijd, eenheid en dat soort dingen. Bijvoorbeeld met termen als yin en yang, go en ju of mannelijk en vrouwelijk. En dan de naam KenKon natuurlijk: hemel en aarde. De ultieme, allesomvattende versie van het eenheidsbewustzijn wordt in het Tibetaans Boeddhisme soms verbeeld als twee verlichte wezens in seksuele vereniging. YabYum genaamd. Een beeld dat in het Westen vaak vooral seksueel begrepen wordt en een hele eigen, seksueel getinte, Westerse vorm van tantra heeft doen ontstaan. Maar oorspronkelijk was dit beeld bedoeld als symbool voor het zoeken, vinden en zijn van eenheid met of in alles. Een soort archetype van ultieme heelheid. Een heelheid die pijn, ongemak, fouten maken of andere worstelingen van het leven niet buitensluit, maar juist daar één mee is. Niet alleen ‘yummy’ dus, maar ‘YabYum’. Rob Preece zal daar ongetwijfeld een helder licht op schijnen, waarbij hij zal spreken en werken niet alleen vanuit het Tibetaanse Boeddhisme, maar ook vanuit de Jungiaanse en lichamelijk georiënteerde vormen van psychotherapie. Ik zie er naar uit. Evenals naar iedere training waarin de schoonheid van de dans tussen tweestrijd en eenheid zich weer laat zien.

Hartelijke groet,
Sydney

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.